19 juni 2018

GGzE kijkt terug op een bewogen jaar waarin hard is gewerkt om de kwaliteit van zorg op peil te houden. De organisatie heeft na een moeilijke periode meetbare verbeteringen binnen het organisatieonderdeel De Woenselse Poort gerealiseerd. Grote punten van zorg zijn de financiering van specialistische jeugdzorg en het sociaal domein. Daarnaast neemt de bureaucratie toe, wat ten koste gaat van de zorg.

Noodklok

Joep Verbugt, voorzitter van de Raad van Bestuur luidt de noodklok: “Voor het huidige jaar zijn er grote zorgen op het vlak van de financiering van de specialistische jeugdzorg en het sociaal domein. We hebben voor wat betreft de specialistische jeugdzorg de afgelopen drie jaar maar liefst 25% aan budget ingeleverd. De bodem is echt bereikt en een verdere kaalslag is hier niet mogelijk. Bovendien is de regelgekte verder toegenomen. Deze administratieve lastendruk gaat iedere dag weer ten koste van de zorg. Wij blijven pleiten voor minder papier en méér zorg.”

Extra inspanning nodig

“Om een goede ondersteuning aan de geestelijke gezondheidszorg te kunnen blijven bieden, is landelijk extra inspanning nodig”, vult Marie-Louise Vossen aan, lid van de Raad van Bestuur. “Ook om bijvoorbeeld de enorme krapte op de arbeidsmarkt van de zorg aan te pakken. Op dit moment heeft GGzE tientallen vacatures. En het is echt noodzakelijk om met gemeenten meerjarige, reële afspraken te maken, zoals we met de zorgverzekeraars doen. Ook daar gaan we op inzetten.”

Terugblik op 2017

2017 was een bewogen jaar. Verbugt: “Het is gelukt het jaar 2017 met een positief saldo af te sluiten. Maar dat is alleen gelukt doordat we uit de opgebouwde reserves konden putten. Dat komt door de transitie van jeugdzorg en sociaal domein naar gemeenten, de extra kosten van het Verbeterplan De Woenselse Poort en de hoge inhuur van extern personeel. Er is het afgelopen jaar door onze medewerkers hard gewerkt. De werkdruk in de zorg is erg hoog en dat vraagt veel van ons personeel, waar we zuinig op moeten zijn.”